klaslokaal

Thijs Bol: “Ik kan meer continuïteit aanbrengen in mijn onderzoeken”

17 november 2018

Thijs Bol is hoofddocent sociologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij onderzoekt onder meer de relaties tussen sociale achtergrond, onderwijs, onderwijsprestaties en arbeidsmarkt. Wat heeft hij aan de data die NCO kan opleveren? ‘Deze datasets bieden veel meer mogelijkheden om naar langetermijneffecten te kijken.’

Het NCO zegt: ‘Onderzoekers kunnen aanhaken bij NCO om hun eigen onderzoeken te verrijken en verbeteren: het biedt hen betere data en betere analysemogelijkheden.’ Klopt dat?

‘Ik denk het wel. Wat NCO heel slim doet, is gebruikmaken van de registerbestanden van CBS en DUO. Die beginnen sinds 2004-2005 goed gevuld te raken en vormen een geweldige informatiebron. In die registerbestanden vind je de Cito- en eindtoetsscores van leerlingen, hun niveau in het VO, de locaties van hun hele school- en studieperiode en hun arbeidsmarktpositie. Je hoeft geen steekproeven meer te nemen. Je kunt gewoon zien hoe het werkelijk is. Die registerbestanden zijn niet van NCO zelf, maar NCO bundelt ze en maakt ze beschikbaar voor ons onderzoekers. Dat is echt nieuw.’

Wat betekent dit voor jou en jouw onderzoeksveld?

‘Een centrale onderzoeksvraag voor mij is: is de manier waarop we ons onderwijs organiseren, van invloed op de sociale (on)gelijkheid in Nederland? We zien nu vooral kortetermijneffecten: we zien dat mensen uit lagere milieus op de basisschool lagere adviezen krijgen. Dat heeft vermoedelijk grote invloed op het vervolg op de arbeidsmarkt. Maar echt weten doen we dat nog niet. Welke andere variabelen spelen een rol? Zijn er correctie-effecten? Zijn ontwikkelingen op de arbeidsmarkt van invloed? Welke kinderen op welke scholen maken een inhaalslag? Het klinkt misschien gek, maar wat er nu eigenlijk in een school gebeurt, daar weten we nog heel weinig van.’

‘Straks mogen we datasets uit het leerlingvolgsysteem gebruiken. Dan krijg je de hele onderwijsloopbaan, de toetreding tot de arbeidsmarkt en de sociale achtergrond, goed in beeld. Dan kun je zien in hoeverre een leerling leerwinst behaalt in een bepaald leersysteem of op een bepaalde school. Hoeveel draagt een school bij? Waar zit ‘m dat in? Over dat soort zaken kunnen we in de nabije toekomst met behulp van deze data wel gefundeerde uitspraken doen.’

Hoe gaat dat nu praktisch in z’n werk?

‘NCO stelt je in staat om de registerdata te koppelen aan allerlei andere onderzoeksdata. Neem de internationale PISA-onderzoeken die eens in de drie jaar plaatsvinden. Als je die vastmaakt aan de registerdata, krijg je zeer waardevolle datasets.’

‘Daarnaast ontwikkelt het NRO – zeg maar de moederorganisatie van NCO – flexibele modules waarmee urgente thema’s kunnen worden onderzocht. Als onderzoeker kun je daar aanvragen voor doen. Zo kun je registerdata koppelen aan je eigen researchdata. Dan kun je een bepaald cohort bijvoorbeeld veel langer blijven volgen. Dat is uniek als je het vergelijkt met andere landen. Dit alles leidt tot een continuïteit die we eerder niet hadden.’

Portretfoto van Thijs Bol
Thijs Bol

Hoofddocent sociologie aan de Universiteit van Amsterdam

Thijs Bol onderzoekt onder meer de relaties tussen sociale achtergrond, onderwijs, onderwijsprestaties en arbeidsmarkt.